Pesten deel 4

Op naar het gesprek van Loesje. We staan mooi op tijd voor de deur, maar het gesprek binnen loopt al 20 minuten uit. Het is het gezin die net hun dochter verloren heeft. Ik heb er uiteraard begrip voor, dit soort gesprekken zijn normaal al “Op de klok”, nou van mij nemen ze de tijd maar.. Als juf ons 25 minuten later de klas in haalt knik ik alleen maar naar de ouders van Mart. Ik weet niets te zeggen, en kan ook niets zeggen. Wie ben ik? Ze hebben al genoeg ellende zo.

“Ik wil het graag over Loesje haar cijfers hebben” begint juf. Ik ben meteen geïrriteerd. Ik heb namelijk in de mail aangegeven dat ik hier helemaal niet op zit te wachten. Ik weet wel dat ze aan de bak moet, haar chaos uit moet zetten en gaan.. “Maar ik wil het ook over euhm Loesje haar sociale omgang  met de klas hebben”, vervolgd ze. “Daarom heb ik jullie nu euhm toch even laten komen.. Loesje? Ben jij wel gelukkig op deze school? Ik vraag dit namelijk, omdat we 3 weken geleden rapportvergaderingen hebben gehad, en daar is naar voren gekomen dat jij niet altijd goed in de klas ligt. Er is meidenvenijn, om maar zo te zeggen, en ik heb in die gesprekken begrepen dat jij, nou ja, “Ge-pést” wordt…”. Bij het woord gepest gaan haar vingers boven haar hoofd en maakt ze er aanhalingstekens van.

Ik zit, echt serieus, sinds hele lange tijd, met mijn mond open. Loesje mompelt een vage “Ja hoor nu wel” eruit, en ik zit dit mens echt serieus perplex aan te staren.

“Ja ik heb namelijk begrepen dat de meiden allemaal, nou ja niet altijd helemaal aardig doen tegen je, en ik kén dat helemaal niet.. Andere klassen hadden dit probleem elk jaar, ik heb in ál die jaren nog nooit een klas gehad die onrustig was. Ik maak me daarom een beetje zorgen om je.”

Er gaat weer een lampje aan bij mij en ik voel hoe dat “Stoplicht” van knal-groen naar meteen KNAL-rood stijgt. Is ze nou helemaal goed wijs?!! Mijn mamagevoel neemt de bescherming over.

“U maakt zich NÚ zorgen? Nu?… In december?! Nu al?!”, gooi ik er woest uit. “Ik hang vanaf de eerste week al bijna elke dag aan de lijn, mail me suf. Heb zeker 30 mailtjes gestuurd en verteld hoe Loes met buikpijn en tranen náár en ván huis ging! Hoe ze nachtmerries had en hoe ze vernederd werd door bijna de hele klas! Ze werd tot op het bot uitgescholden en bespuugd. Getreiterd en achterna gezeten. Ze is nog nooit zo onzeker geweest over zichzelf! En nu, NU komt u aan met “Ik maak me zorgen?!” Het is décémbér! Deeeeecembeeeerrrrrrrr”, knal ik er woester uit dan de bedoeling is. Ik heb heus wel eens mensen met een bord voor hun kop ontmoet, maar dit mens.. Zo bijzonder heb ik ze nog niet meegemaakt volgens mij.

“Nou ja euhm, ik had wel een vermoeden dat het wat onrustig in de klas was, maar bij de rapportvergaderingen werd ik er toch wel op gewezen dat het niet zo goed gaat met de klas”

“Nou het gíng inderdaad heel lang, heel lang slecht. Waarom dacht u dat ik mail hoe ze met elkaar omgaan? “JONGENS pas op!! Daar is die albino met die k*tkop!”, ík vind dat niet normaal! En misschien ervaart het meisje zelf het niets als pesten, ik vind dat u al lerares echt bagger slecht hierop in bent gesprongen”. Ik zie hoe ze een kleur krijgt. Loesje kijkt strak opzij uit het raam.

“Nou euhm ik heb geen mailtje van u gekregen hoor”, vervolgd ze verder, en ik begin meteen weer te koken.

“De leesbevestigingen, álle 30, geven aan van wel…”, zeg ik droog.

“Oh, oh, ja juist, hm, kan het me in ieder geval niet meer heugen.. Maar u bent zelf naar de afdelingshoofd gegaan, ja dan heeft u míj gepasseerd, en dan is het ook niet meer mijn probleem”, zegt ze met haar handen in de lucht, alsof ze zich overgeeft.

“Nou ik ben naar haar gegaan, ómdat u onbereikbaar was. Het boeide u geen rúk dat die kids elkaar kapot maakten, en daarbij, het is wel degelijk nog steeds úw probleem en verantwoordelijkheid. Ik denk dat u beter geen mentor meer kan zijn volgend jaar, heb nog nooit zo’n ongeïnteresseerde hork meegemaakt, en sorry voor hoe ik het zeg.”

“Ja het is jammer dat u dit gevoel heeft, want ik wil echt wel oprecht wat aan de situatie doen en daarom zitten we nu ook hier..”

“4 maanden later, meer dan 30 mailtjes verder, en ik weet niet hoeveel tranen er al bij iedereen gehuild zijn. Lekker op tijd, vind je ook niet? Nadat u op tafel hebt geslagen een maand geleden is het rustig geworden, en nu woelt u het alleen maar weer los bij iedereen. De eerste weken was er veel verdriet bij de leraren, ik snap dat echt, maar dit is een stel jonge apen die onder de juk van mama weg zijn, en als een apenrots is iedereen zichzelf aan het bewijzen. Het is van kwaad tot erger geworden, omdat er niemand ze een wacht toe riep. U bent de mentor! Maar u was meer thuis bezig met uw eigen kinderen, en een naderende operatie van uw dochter, dan met uw klas. Ik snap dat buisjes in de oren, of een enkel operatie, een spannende operatie is, maar ik heb 4 kids, en de oudsten hebben het zelf ook jaren gehad.. Laat ik het zo zeggen: “Het is niet zooooooooo groot, dat het nodig is, om u zich daar achter te verschuilen. Sorry..” En nu de helft van de klas zich bijna dagelijks mag melden, omdat het gajes nu echt een te grote bek opzet, en de kleine aapjes denken dat ze heel wat zijn, komt u nu met dit? Misschien moet u eens écht rondkijken naar wie de opruiers zijn, en dan eens nog een keer met de vuist op tafel slaan, want dit van Loes, dat had al de eerste weken de kop ingedrukt kunnen worden. Zíj is opgestaan voor de kinderen die gepest werden! En dat maakte dat ze zo uitgekotst werd. En nog erger, ze heeft húlp gezocht en het werd als maar erger, omdat U er G*DVERDOMME niet was!! Ze heeft UW taak overgenomen, en dit heeft haar tot op het bot geraakt. En sorry voor de ontploffing en te grove woorden, maar ik ben gewoon echt wóést even nu. Dus ik wil het over haar cijfers hebben, want ik gooi er straks nog meer dingen uit, die niet handig zijn en die we beide niet wensen…”

“Dus u heeft niet het idee dat het helemaal prettig is verlopen?”

Hoe moet ik door die kop heen komen? Zucht.. “Nee ik vind idd niet dat u dit goed heeft gedaan nee. En nu is er echt niet zoveel meer aan de hand, dus lekker op tijd. Maar laten we vooral dit onderwerp nu afsluiten, want ik gooi zometeen er van alles uit, en dat kan ik mijzelf en Loesje niet aandoen. Heb even totaal geen respect meer voor u”

“Nou ik zou het wel graag op papier willen zetten dat we erover gehad hebben, en ik wil daarom graag weten of u er een goed gevoel bij heeft. Vind u dat het goed opgelost is?”

Serieus? Heeft ze een functioneringsgesprek ofzo? Is het goed opgelost? Alsof zij er wat aan gedaan heeft! “Nee ik vínd niet dat ú er iets goeds aan gedaan heeft, ik vind dat u tekort geschoten bent!”

“Ja dat bedoel ik eigenlijk niet, ik bedoel eigenlijk of u nú vindt dat ik het goed opgelost heb. Vind u het goed van mij dat ik erover begon?”

Nou dames.. Ik begon héééél hard te lachen, keek het mens aan en zei: “Nope, ook dit deed je bagger. En nu wil ik het nogmaals hebben over de cijfers, want ik ontplof hier echt en dan is het gesprek afgelopen op geen prettige manier..”

“Ja maar ik moet hier in het systeem zetten dat we het opgelost hebben”

“Zet maar in je systeem dat moeder echt vind dat dit 4 maanden te laat is, maar de kinderen nu net hun redelijke, rust hebben gevonden, en dat moeder vind dat u een hork van een mentor bent, die echt de inzicht mist, en totaal niet weet wat er in de klas afspeelt. Nu wil ik het over de cijfers hebben en dan kan ik gaan. Hier had ik dus niet voor op school hoeven te komen.”

“Ja juist, maar u vind dus wel dat het wel is opgelost?”

Loesje haar cito was op Havo niveau, ze zit op de Mavo, alleen het rekenen is bagger op de test. Ze kan het in principe met twee vingers in haar neus, maar omdat de druk van de klas haar bijna breekt is het extra zwaar voor haar. Ze is nu een paar keer op haar snoet gegaan met toetsen en ik hoop dat ze samen met Luc de weg er nu in gevonden heeft.

Gisteren kwam ze thuis en had de Biologie toets die ze zo goed met Luc naast zich aan de tafel geleerd heeft, ingeleverd en juf zei nadat ze er even snel overheen gekeken had “Goed zo meiske”. “Mam ze zei goed zo!! Ik heb er zo’n goed gevoel over!”

Voor de kerstmarkt kreeg ze een 7,5. Ze had als enige een lekkere cake, op tijd gebakken en voor €10 verkocht. Ze was een half uur eerder op school, om juf te helpen met opzetten van de kraampjes, en ging als laatste weg. Ze had de hele avond, zónder keten aan haar kraampje gezeten, en juf had bijna iedereen wel een keer gewaarschuwd, behalve Loesje. “Juf gaf me er een stiekem knipoogje bij mam, ik denk wel dat ze blij is”