Soms ben ik niet de liefste..

In vol geloof hebben de kids nog een x hun schoentjes gezet gisterenavond. Luc dwong ze met een liedje, maar helaas deden deze pubers daar niet meer aan. Het was een super gezellige avond. Alles vol chaos. Ze hadden een studiedag en Lieke was een dagje extra bij ons. Meiden op de fiets naar de manege. Luc wat rustiger in zijn hoofd na een afspraak bij de therapeut. En alles stuiterde gezellig om ons heen.
De dag ervoor was het bonje. De chaos hier in huis was óveral. De hondenharen dwarrelde voor je neus, terwijl ik net gezogen had. Omdat ik nog steeds niet kan autorijden, ben ik aan huis gebonden.
De muren komen op me af. Ik heb al bedacht dat de muren een nieuwe kleur krijgen. Dat er een soort open haard komt in de hoek. Zelf gemaakt natuurlijk, maar daar heb ik hout voor nodig, en dat moet gehaald worden.
De oude laminaatvloer is nog van de eerste eigenaar, en ook die moet er spontaan uit. Het is zelfs zo erg dat ik wel op het beton wilde leven zo lang, maar Luc haalde me dat belachelijke idee snel uit mijn hoofd.

Ik ben zo ongedurig, dat ik weinig van iedereen kan hebben. Ik ben er ook klaar mee dat ik altijd maar de boe-man hier in huis mag zijn, en Luc de lieve, begripvolle papa die overlegt dat je zo wel een xtje naar bed moet hé.. Bij mij is het gewoon: “Jongens, bijna tijd, klaarmaken en gó, nu..” En dan heb ik het heus al wel 2x gemeld hoor. Maar niets liefjes vragend, gewoon met een nuchtere en duidelijke opdracht, gaan…

We hadden er maar weer een gesprek over, met een kop thee, koffie en een reep chocolade. “Ik heb je nodig hierin. Het is niet zo dat ik het in mijn uppie moet doen. Het zijn ook jou kids, en ik mag mopperen? Neem zelf eens de verantwoording..”. Het werd een gesprek met de 4 vaste, maar verschillende zinnen zoals: “Ja maar ik zie dat niet, omdat ik het nog nooit gedaan heb”. Of de mooiste is nog wel: “Ja maar dat was niet..”. Alsof je met dat zinnetje alle nieuwe of verantwoordingen van je leven weg kan wieberen. “Schat de kids breken boven de toko af, wil jij er eens doorheen mopperen?” “Nee dat gaat niet, ik weet niet hoe dat moet, dat was eerder ook niet..”

Ik ben de strenge van ons tweeën, ben me daar echt wel van bewust. Maar in een gezin met 6 kids, is nou eenmaal structuur nodig. We aten spaghetti en omdat ik even met een klant nog aan het mailen was, vroeg ik Luc of hij alvast wou afgieten en opscheppen. “Ik kom eraan, even dit afmaken”. De ketende, lachende, rennende pubers zijn onrustig en ik raak er nog meer geïrriteerd van. Ik had ze namelijk gevraagd of IEDEREEN even zijn handen wou gaan wassen, tafel dekken en ff wat te drinken voor zichzelf in wou doen. Tikkertje op de trap, met water spattend op de badkamer, stoeiend een tafel dekkend en Luc hoorrrrrrt: “Niets…”

Ik mopper er een x doorheen dat dit ook buiten kan, en dat het nu klaar is. Ze duiken aan tafel en kletsen daar lachend, luidkeels door. “Ze hebben denk ik een beetje last van het naderende noodweer”, print ik mijzelf in. Ik probeer het los te laten en uit mijn ooghoeken zie ik hoe Luc, demonstratief, in het felle licht van de keukenlamp, een vlekje staat weg te boenen met een doekje. Hij staat zo gedraaid, dat ik hem wel móét zien, terwijl de keuken groot genoeg is dat hij uit mijn zicht staat. Mijn irritatie-hormonen schieten de pan uit en ik knal de keuken in. “Ik vraag of je even dat ZOOITJE ONGEREGELD (draai ik me naar het grut), wat op wil scheppen, zodat alles wat meer zijn MUIL houd!”, mopper ik tegen hem.

Of ik niet gezien heb dat ie een vlekje in zijn overhemd heeft?.. “Nee niet gezien nee, en als ik eerlijk ben, zou me dat een worst nu wezen, eeeeerst de kids en dan ga jij maar boenen!” en ik sluit onredelijk af met een “Ik vroeg het je toch?”

We gaan aan tafel en alles is aan de kakel. Er wordt veel verteld. Lieke en Loesje eten echt meeeega langzaam. Luc douwt met de snelheid van een lompe bouwvakker, zijn bord met spaghetti weg en ik kijk toe hoe hij achteruit gaat zitten en denkt: “Zo klaar, nu doe ik niets meer”. Aangezien het binnen in de woonkamer echt een verbouwde chaos is, stap ik na 30 minuten van tafel en vermeld dat iedereen ff door eet, en ik dus ff daar stofzuig en opruim.

Ik heb net de boor en schroeven bij elkaar gepakt als ik hoor hoe het gesprek aan tafel oplaait naar keten en joelen. Ik loop opgenaaid de keuken in, en zie hoe Loesje en Lieke nog geen hap gegeten hebben, vanaf dat ik opstond. Hoe iedereen aan het wachten is, en uit verveling dus maar begint met klooien en hoe Luc met zijn telefoon voor zijn neus aan het Facebooken is. Afgesloten van deze wereld, scrollende door zijn fictieve wereld. En ik ONTPLOF!

“Moet ik nu vanuit de kamer hier in de keuken de boel rechtzetten, terwijl JIJ hier aan die tafel erbij zit?!!!”, bek ik hem af.

Hij kijkt als een verstrooide professor in het rond. “Oh, huh? Ja euhm, dat hoor ik toch niet..”

“Dat hóóóóóóorrr je niet?! Zelfs de buren horen het! Ik vráág je of je even wil zorgen dat alles opschiet, en jij duikt die kl*ote telefoon in?!”, bek ik verder.

Ik ben niet meer te stoppen. Ik voel hoe 3 jaar frustratie omhoog borrelt en hoe ik de controle over mijn woede verlies. Iedereen is stil aan tafel. Eet ineens netjes door, en Mees durft de opmerking te maken: “Mam, kom op héé. Je hoeft niet zo te schreeuwen hoor, krijg er koppijn van, f*cking irritant van je..”.

Het voelde als een Looney Tune filmpje, waar de coyote een soort zenuwtic infarct kreeg onder zijn oog, en met een rare “Glng” stil staat. Ik kijk de tafel 2 tellen rond, stuif de woonkamer weer in en begin te stofzuigen als een debiel. Alle woede gaat nu op deze bank gebotvierd worden. Luc komt “In mijn persoonlijke ruimte” staan. Net te dicht bij me en kijkt alleen maar. Ik voel hoe ik weer begin te koken. Op de achtergrond hoor ik de chaos van het lachen weer in de keuken ontstaan en alles borrelt weer omhoog. “Floep” alles komt er weer uit, en Luc probeert zich nog te verdedigen met de woorden “Ja maar dat merk ik toch niet”, en ik ketst terug dat we gísteren een gesprek hadden, waar ik in aangaf dat ik ook hem aan die tafel nodig heb met het opvoeden van dit zooitje ongeregeld. En dat ik mijn kont omdraai en meneer weer in die Facebookwereld duikt! “Nog geen 24 uur later!”, gil ik het inmiddels uit. En ik stuif naar boven. Ze zoeken het maar uit…

Ik app over de toeren mijn vriendinnetje, die op haar beurt mij in laat zien dat het een fase is. “Het wordt echt beter, moet je zien hoe ver je al bent en waar je vandaan komt. Echt.. Dit is even een dipje en dan komt het weer.. Je bent op de goede weg.” en ik kalmeer wat meer.

Om 2:00 stapt Luc in bed merk ik half en ik negeer het. Ik ben toch nog te boos.

Vanavond is het uitgepraat met Luc en het geeft dat iedereen weer wat meer adem haalt. Vanmorgen met de kids een familie-overleg gehad. Uitgelegd dat ik hun moeder ben, niet hun schop onder hun kont.  Het zijn niet mijn slechte cijfers. Het is niet mijn smerige kamer. Het is niet mijn stof-verzameling onder de kast, maar ik kan het wel oplossen of voor op het matjes komen. En dat vertik ik.”Ik kan m geven hoor, die schop, geen probleem, maar je kan ook in één x luisteren, waardoor ik niet zo hoef te mopperen”. Het heeft geholpen dat ze het tijdelijk weer wat meer gingen inzien. Ik zeg tijdelijk, want die puberbreinen, verliezen veel belangrijke informatie spontaan merk ik wel eens. Vanavond werd er in ieder geval niet extreem gekeet, werd de tafel uit hun zelf afgeruimd, de afwas weggewassen en gingen ze achter elkaar douchen, zonder spattend water en gegil.

En terwijl alles boven hun ding doet heb ik met Luc op de bank het eerste gemopper uitgepraat. Ja ik ben fel, ja hij is een knuppel. En ja, ik hou zoetsappig super veel van hem.

Samen brengen we pestend en stoeiend de kids naar bed. Nee? Er worden geen liedjes meer gezongen? Wij beloven dat er dus morgen niets in hun schoenen zit.

2:30 en ik schrik wakker. “De schoenen!!!” Helemaal vergeten! Hoe vaak is me dat al wel niet overkomen?! Dat ik als een malle beneden de schoenen nog stond te vullen, terwijl ze de trap al af kwamen. Ik schiet het bed uit en haal van zolder een tas met cadeautjes. Luc komt bij me staan en helpt me met de pepernoten aangeven. Achter mij klinkt er gegiebel en ik zie de deur op een kiertje staan. Een puberhoofd gluurt tussen het spleetje van de deur en ik hoor zijn bromstem zeggen: “Hmmmm mam, ben je aan het doen? Giebel giebel. Wat doe je in de schoenen?”

Het mond uit tot een gestoeigevecht op de overloop, tussen Mees en Luc. Met een Star-Wars laserzwaard mept Luc tussen de deur door, terwijl Mees aan de andere kant van de deur met een zwaard terug slaat. Om te winnen gooit Luc een hand vol pepernoten bij Mees in bed, en hij lacht en moppert tegelijk om de kruimels die er nu in zijn bed liggen. Boet is door de commotie ook wakker geworden, en duf kijkt hij naar mij hoe ik de schoenen vul. Ik hoop dat iedereen het leuk vind. Ondanks de drukte en chaos, geniet ik er toch wel van. Het wordt gewoon tijd dat ik weer kan autorijden. Dan wordt mijn hoofd ook wel weer wat leger..

6:55, Evi glijd met haar koude voetjes naast mij in bed. “Goedemorgen mama”, zegt ze met haar schorrige ochtend stemmetje. “Heb je gezien wat jij in de schoen hebt? Echt heeeel mooi mam! Kom maar eens kijken wat je hebt gekregen!”.

Hoe bijzonder is dit he? Vol geloof een schoentje zetten, en dan tóch het gevoel hebben dat mama niet weet, wat zijzelf in haar éígen schoen heeft gedaan. Heerlijk die onschuld nog. Ze kletst verder en ik knuffel warm tegen haar aan.. Alles om mij heen start op. Maakt zich klaar voor school en werk. Lopen trappen op, zoeken sokken en vragen waar ik die ene fijne trui heb gelaten? Ik zou toch nergens anders willen zijn nu in mijn leven, dan hier, in het nu en dit..